“Niet te strak met de regels omgaan”

Annemiek de Goede, wethouder Midden-Delfland:

“Niet te strak met de regels omgaan”

‘Beter doen dan plannen schrijven!’ Dat is het motto van Annemiek de Goede, wethouder in Midden-Delfland. “De Woonvisie uit 2010 wordt op dit moment aangepast aan de actualiteit. Maar daar wachten we niet op. Nu ligt onze focus vooral op het huisvesten van statushouders. Als duurzame gemeente werken we toe naar een structurele oplossing.” 

De gemeenteraad besloot onlangs om in 2016 50 tot 100% meer statushouders te huisvesten dan de verplichte taakstelling. Kan de woningmarkt in Midden-Delfland dat wel aan?

“Samen met de woningcorporatie kijken we naar oplossingen. We denken aan semipermanente woningen, die van binnen functioneel zijn en van buiten kwaliteit uitstralen. Binnen vijf tot maximaal zeven jaar willen we de sociale woningvoorraad uitbreiden, zodat de statushouders kunnen doorstomen. Bij voorkeur zorgen we voor een goede verdeling over de kernen, zodat ze echt kunnen integreren.

We realiseren ons dat het niet gemakkelijk is. Er is al een wachtlijst voor sociale huurwoningen en het is zoeken naar balans tussen het huisvesten van mensen met een urgentieverklaring, statushouders en reguliere woningzoekenden. Dit jaar konden we 33 statushouders huisvesten. Volgend jaar worden dat er 75 tot 100. Wij willen ook een bijdrage leveren. Het tijdelijk opvangen in een sporthal, past niet bij de duurzame visie van onze gemeente. Wij zoeken liever naar een structurele oplossing die statushouders een toekomstperspectief biedt.”

Wethouder Arne Weverling van Westland vraagt zich af of u het groene karakter van uw gemeente kunt bewaren, met het oog op de toenemende druk op de sociale huurmarkt en in relatie tot de verwachte bevolkingsgroei.

“Er is inderdaad een spanningsveld tussen de behoefte aan uitbreiding en de wens om het groene karakter te behouden. De vraag naar sociale huisvesting neemt alleen maar toe. Omdat we niet voorbij de randen van de bestaande kernen willen bouwen, zijn we in Schipluiden en Maasland aangewezen op de inbreilocaties. Een voorbeeld is de plek van het oude gemeentehuis in Schipluiden. Zo is er in alle drie de kernen nog wel ruimte voor sociale woningbouw en vernieuwing. De meeste ruimte is er in de Harnaschpolder in Den Hoorn. Voor alle kernen geldt dat we de landelijke uitstraling willen behouden. Dus geen hoge flats, maar eengezinswoningen en kleinschalige appartementengebouwen.”

Welk effect heeft de nieuwe Woningwet op de samenwerking tussen de gemeente en de corporatie in Midden-Delfland?

“In onze gemeente is er één corporatie, Wonen Midden-Delfland. Wij werken constructief samen. Omdat we maar met één partij om tafel hoeven, kunnen we snel schakelen. Dat werkt heel efficiënt. Met de nieuwe Woningwet verandert daar niet veel aan. Wel worden de huurders voortaan betrokken bij de prestatieafspraken.”

Wat is de status van de lokale prestatieafspraken?

“Op dit moment herzien we onze Woonvisie, die dateert van 2010 met een doorkijk tot 2025. De woningmarkt is nu alleen anders dan toen dit document werd opgesteld. Omdat mensen langer thuis wonen, worden er andere eisen gesteld aan de woningen. De economische recessie en de veranderingen in het sociale domein hebben bovendien hun weerslag op de vraag. We toetsen nu wat wel en niet meer klopt in de Woonvisie. Als nieuwe bijlage stellen we een uitvoeringsprogramma op, dat we samen met de woningcorporatie vaststellen. Alle maatregelen moeten doorwerken in de nieuwe prestatieafspraken die begin 2016 worden opgesteld.”

Midden-Delfland kampt met vergrijzing en ontgroening. Houdt u hier rekening mee binnen de Woonvisie?

“De ontgroening heeft grote gevolgen voor de voorzieningen in de dorpen. Denk alleen maar aan scholen die te maken krijgen met teruglopende leerlingenaantallen. Om de ontgroening te voorkomen, vormen de gezinnen een belangrijke doelgroep. Bij de bouwlocaties kijken we naar het type woningen. We zorgen ervoor dat er voldoende betaalbare eengezinswoningen zijn voor startende gezinnen. Voor de ouderen hebben we in een alle drie de kernen een complex van seniorenwoningen.”

Welke bijdrage levert de gemeente aan de verduurzaming van het woningbezit?

“Een goed voorbeeld is een seniorencompex in Schipluiden dat Wonen Midden-Delfland met financiële steun van de gemeente grondig liet renoveren. De badkamers zijn vergroot en geschikt gemaakt voor een rollator of rolstoel. Verder zijn er voorzieningen als beugels aangebracht, waardoor ouderen langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Eind 2014 is het complex opgeleverd. Daarmee namen we een voorschot op onze nieuwe Woonvisie, waarin we aandacht hebben voor de combinatie wonen en zorg.”

Wat is de belangrijkste uitdaging waar Wonen Midden-Delfland voor staat en welke rol is er voor deze corporatie weggelegd?

“De grootste uitdagingen zijn het huisvesten van statushouders en het creëren van passende woonruimte voor startende gezinnen. Betaalbaarheid is een belangrijk issue. Sociaal maatschappelijk zie ik een rol weggelegd voor de corporatie in het signaleren van (betalings)problemen. Vanuit de corporatie is er meer zicht op wat er achter de voordeur speelt. Door problemen tijdig te signaleren, kan voorkomen worden dat de situatie escaleert. In de gemeente hebben we een maatschappelijk team dat de problemen breed kan aanpakken.”

Wat adviseert u de corporaties over hun veranderende rol?

“Ik adviseer de corporaties om problemen waar ze tegenaan lopen door de nieuwe regelgeving, aan te kaarten bij het ministerie en de koepelorganisatie. De strakke regelgeving vanuit de overheid, leidt in de praktijk wel eens tot gekke situaties. Zo is passend huisvesten schitterend om de doorstroming te bevorderen. Maar mensen met een laag inkomen die eigen vermogen hebben, vallen hierdoor buiten de boot. De splitsing tussen DAEB en niet-DAEB maakt het voor corporaties namelijk minder gemakkelijk om te investeren in de vrije sector.

Ook maatschappelijk zou ik de randen opzoeken. Ik zou veel meer de koppeling tussen wonen en zorg willen leggen. De signaalfunctie van corporaties is heel belangrijk. Natuurlijk zijn ze gebonden aan privacyregels, maar ik zou vooral kijken naar wat in het belang van de cliënt verantwoord is.” 

Nu het Stadsgewest is opgeheven, werken de gemeenten en corporaties binnen Haaglanden verder samen binnen de Bestuurlijke Tafel Wonen. Hoe kijkt u aan tegen deze samenwerking?

“De woningmarkt houdt niet op bij de gemeentegrenzen. Je moet samenwerken. Binnen Haaglanden werkten we al constructief samen en dat zetten we verder voort. De structuur is weliswaar anders, maar de intentie blijft hetzelfde. Omdat Maasland tegen Rotterdam aan ligt, heeft het voor ons voordelen als de Bestuurlijke Tafel van Haaglanden gaat samenwerken met die van Rotterdam. De Regionale Woonvisie en Prestatieafspraken vormen het kader voor ons lokale beleid. Er is duidelijk afgesproken dat de hoeveelheid betaalbare woningen niet snel mag afnemen en daar zullen wij lokaal op monitoren. Het mooie van de samenwerking is ook dat we onze krachten kunnen bundelen.”

Waar bent u trots op en waar maakt u zich zorgen over?

“Ik ben trots op de regionale en lokale samenwerking. Verder vind ik het zorgelijk dat de betaalbare woningvoorraad afneemt, mede als gevolg van de heffingen. Met de strakke regelgeving en de splitsing tussen DAEB en niet-DAEB wordt het de corporaties wel erg lastig gemaakt.”

Aan welke wethouder geeft u graag het woord en wat wilt u hem of haar vragen?

“Wethouder De Prez van Delft. Aan hem de vraag: ‘Delft profileert zich als kennisstad en heeft een universiteit waar veel (buitenlandse) studenten colleges volgen. De huisvesting van hen is steeds een uitdaging door de toenemende aantallen. Hoe gaat Delft daar in de toekomst mee om?’”