Taco Kuiper

Na de opheffing van het Stadsgewest Haaglanden, zetten de negen gemeenten binnen Haaglanden hun samenwerking op het gebied van wonen voort met de Bestuurlijke Tafel Wonen. Voorzitter is Taco Kuiper, wethouder in Zoetermeer. Samen met de portefeuillehouders binnen de andere gemeenten en met de woningcorporaties zoekt hij een oplossing voor regionale woningvraagstukken.    

Wat verwacht u van de Bestuurlijke Tafel Wonen?

“De Bestuurlijke Tafel Wonen is een platform om in contact te treden met de corporaties binnen Haaglanden. De lijnen zijn kort en we hebben een praktische aanpak. Op het gebied van wonen willen we het goede behouden en de knelpunten tackelen. We monitoren de ontwikkelingen in verschillende steden en gebieden en maken regionale prestatieafspraken. Doel hiervan is de lasten te verdelen over de regio.”

Wat is het verschil met de situatie waarin het Stadsgewest nog bestond?

“We hebben niet dezelfde capaciteit als het Stadsgewest en kunnen elkaar dus niet tot in detail controleren. Gemeenten en corporaties zullen er daarom tijd in moeten investeren elkaar goed te leren kennen, zodat we op basis van vertrouwen kunnen werken. Zo bouwen we krediet op voor als het een keer moeilijk wordt. Een ander verschil met het Stadsgewest is dat we als Bestuurlijke Tafel geen eigen bevoegdheden hebben. We kunnen pas afspraken maken als er een mandaat is van de colleges en raden. Dat betekent dat we hen vooraf mee zullen moeten krijgen. Het voordeel hiervan is dat er hierdoor een zuivere samenwerking ontstaat.”

Hoe verloopt de samenwerking tot nu toe?

“De samenwerking met SVH namens de corporaties, ervaar ik als prettig en doelgericht. Samen slagen we erin problemen vlot op te lossen. We maakten het afgelopen jaar regionale prestatieafspraken en stemden negen huisvestingsverordeningen op elkaar af. Ik ben er trots op dat we de samenwerking in zo’n korte periode naar dit plan hebben getild. ”

Waar maakt u zich zorgen over?

“De vraag of corporaties en marktpartijen voldoende kunnen doen om de achteruitgang van wijken tegen te gaan, houdt mij wel bezig. Ik hoop dat corporaties weer ruimte krijgen om te investeren en dat verdere huurstijging beperkt blijft.”

Hoe ervaart u de samenwerking met de drie woningcorporaties binnen uw eigen gemeente?

“In Zoetermeer is 36% van het woningbezit in handen van Vestia, Vidomes en De Goede Woning. Ik zie hen als partners die bijdragen aan de kwaliteit van wonen. Vier keer per jaar heb ik een regulier overleg met de directeuren van deze corporaties. Twee keer per jaar schuiven ook de huurders daarbij aan. De overleggen verlopen in een goede sfeer. We bespreken tegen welke lastige zaken we aanlopen en hoe we die gezamenlijk kunnen aanpakken. Op ambtelijk niveau is er bijna wekelijks contact met de corporaties. Daardoor kunnen we ons als bestuurders concentreren op de hoofdlijnen.”

Ervaart u grote verschillen tussen de drie corporaties?

“Het grootste verschil is de mate waarin er nog geïnvesteerd kan worden. De Goede Woning heeft ruimte om te investeren, Vestia heeft op dit moment minder mogelijkheden. Vidomes zit wat dat betreft tussen deze twee in. Vlak voor de crisis heeft Vestia flink wat woningen in de wijk Palenstein gerenoveerd. Nu geven Vidomes en De Goede Woning met investeringen een impuls aan deze wijk.”

Wat zijn de grootste uitdagingen waar deze corporaties volgens u voor staan?

“Het is een uitdaging om de kwaliteit en leefbaarheid in de wijken te handhaven. In de wijken Meerzicht, Buytenwegh en Seghwaert staan galerijflats en eengezinswoningen van zo’n dertig tot veertig jaar oud. Er moet veel gerenoveerd worden om de kwaliteit van deze wijken op peil te houden. Behalve over de woningen hebben we het dan ook over het openbaar beheer, groen en bestrating. Daarnaast is het de vraag hoe je de woningen betaalbaar houdt. De combinatie kwaliteit en betaalbaarheid is een grote uitdaging.”

Welke kansen ziet u?

“Duurzaam renoveren is een kans die zowel door de gemeente als de corporaties wordt gezien. Het is een motor om tot energiebesparing en een betere kwaliteit van de woningen te komen. Door op grote schaal woningen te verduurzamen, kunnen we de kwaliteit van de wijken verbeteren. Ook met de woningcorporaties zijn we hierover in gesprek. We willen laten zien dat het loont om duurzaam te bouwen. Overigens proberen we ook particulieren hiertoe te verleiden.”

Verwacht u dat u door de nieuwe Woningwet een andere samenwerking krijgt met de corporaties?

“Voor Zoetermeer maakt de nieuwe Woningwet geen verschil. Er was al een Woonvisie, we maakten regionale en lokale prestatieafspraken en hadden al overleg met woningcorporaties en huurders. Met de drie corporaties voeren we openhartige gesprekken, waarin zij openheid geven over hun financiën en plannen. Onze nieuwe Woonvisie die half juni werd vastgesteld door de gemeenteraad, voldoet aan alle eisen van de Woningwet. Verduurzaming van het woningbezit maakt hier een belangrijk onderdeel vanuit. We zijn nu in gesprek met de woningcorporaties en Woonkoepel Zoetermeer over de lokale prestatieafspraken.”

Wat zou u als eerste veranderen als u voor een dag corporatiedirecteur zou zijn?

“Ik zou samen met de andere corporatiedirecteuren kijken wat we gemeenschappelijk kunnen doen. Bijvoorbeeld een inlooppunt voor huurders of gezamenlijke organisatie van noodreparaties. Door onderlinge samenwerking kunnen de corporaties mogelijk tot verdere kwaliteitsverbetering en kostenreductie komen.”

Wat adviseert u de corporaties over hun veranderende rol?

“Ik adviseer ze om het met de gemeente te bespreken als ze tegen belemmeringen aanlopen. Als het om gemeentelijke regelingen gaat, gebeurt dat nu al. Maar ook als het landelijke regelgeving betreft, raad ik aan dat bij ons aan te kaarten. Wij kunnen binnen de regio een vuist maken en hebben verschillende kanalen om zaken te agenderen bij de landelijke politiek.”

Zijn er over 25 jaar nog woningcorporaties?

“Woningcorporaties hebben ten opzichte van andere marktpartijen het voordeel dat ze geen winst hoeven te maken. Het is aan hen dit voordeel goed te benutten. Daarbij staan ze voor de uitdaging om de kosten te verlagen en een hoog serviceniveau te bieden. Het voordeel van een lage rente en geborgde leningen zal vermoedelijk op termijn verdwijnen, dus zullen de corporaties scherp moeten concurreren met particuliere verkooporganisaties.”

Aan welke wethouder geeft u graag het woord en wat wilt u hem of haar vragen?

“Wethouder Ronald van der Meij van Rijswijk. Aan hem de vraag wat hij over drie jaar bereikt wil hebben.”