01 september 2020

Rob van den Broeke, voorzitter BAC duurzaamheid: “Gezamenlijkheid, draagvlak en realisatie”

Terug naar overzicht

Vanaf 1 september is Rob van den Broeke, directeur-bestuurder Rijswijk Wonen, de voorzitter van de bestuursadviescommissie (BAC) duurzaamheid van SVH. Hiermee volgt hij Daphne Braal, bestuurder Vidomes, na drie jaar voorzitterschap op. In de BAC wordt onder andere gesproken over verschillende duurzaamheidsthema’s, zoals de aanstaande energietransitie en aansluiten op warmtenetten. Van den Broeke wil dit gesprek graag naar een hoger niveau tillen. Niet alleen in gesprek gaan met elkaar, maar echt ook projecten realiseren.

“Duurzaamheid en energietransitie gaan niet vanzelf”, vertelt Van den Broeke. “Ik ben ervan overtuigd dat dit onderwerp veel bestuurlijke aandacht nodig heeft, zodat wij hobbels kunnen wegnemen en samen ook echt dingen kunnen bereiken.  Ik wil daaraan graag bijdragen – bestuurlijke aandacht is nodig om echt stappen te zetten. Ik doe graag iets waar ik mijn energie en aandacht in kwijt kan.”

Belangrijke onderwerpen
Warmtelinq, schaalvoordeel en belangenbehartiging vindt Van den Broeke interessante onderwerpen binnen het thema. “De Warmtelinq is op dit moment de hoofdmoot binnen het onderwerp. Daarnaast is het de uitdaging om schaalvoordeel te behalen – we hoeven niet ieder voor onszelf het wiel uit te vinden. Samen sterk – om ook gewicht in de schaal te leggen in het gesprek met een provincie, de WarmtelinQ. Door ons als gebied te presenteren, zijn we gesprekspartner. Daarnaast kunnen we wellicht ook meer met een basisaanpak voor vrijwel identieke woningtypen verspreid in het werkgebied. Dat vind ik een interessante zoektocht. Het zou mooi zijn als we een gezamenlijke basisaanpak kunnen maken die voor een paar duizend woningen interessant is.”

Ambities
De ambitie van Van den Broeke ligt bij het samenwerken met een groep enthousiaste mensen die passie hebben voor het thema. “Dan werk je samen, omdat je het leuk vindt om te doen, samen resultaat te boeken”, legt hij uit. “Dat is een randvoorwaarde om echt grote dingen te doen.”

Ook de bestuurlijke binding van de corporaties binnen de SVH vindt Van den Broeke belangrijk. “Het is van toegevoegde waarde als er commitment is op dit onderwerp vanuit het SVH-bestuur”, zegt hij. “Ik snap dat dit lastig is, omdat de belangen van de verschillende corporaties niet altijd parallel lopen. Ik zou het mooi vinden als ik erin zou slagen om daar meer gezamenlijkheid in te krijgen.” Van den Broeke ziet het commitment van het SVH-bestuur het liefst terug in het gezamenlijk realiseren van dingen. “Het is makkelijk om commitment uit te spreken in woorden, maar dat is wat anders dan samen dingen kunnen leveren. We moeten echt dingen gaan doen!”

“Elke corporatie is bezig met duurzaamheidsprojecten. Daarvoor is de BAC niet nodig. De meerwaarde van de BAC is juist de regionale samenwerking tussen de corporaties. Ik zou het een mooi resultaat vinden als we projecten hebben gerealiseerd of bewezen verder hebben gebracht, de meerwaarde van de samenwerking terugzien en hier trots op kunnen zijn.”

De grootste uitdaging voor Van den Broeke ligt bij de afstemming van het speelveld van de corporaties en het speelveld van de gemeenten. “Je hebt een beperkte regie op wat er gebeurd aan de tafels van de gemeenten. Dat maakt het gecompliceerd. Het is lastig om de verschillende partijen dezelfde richting op te krijgen, omdat elke partij andere belangen heeft.”

Bestuursadviescommissie
Binnen de BAC hoopt Van den Broeke gezamenlijkheid en draagvlak te bereiken. Ook vindt hij het belangrijk dat de deelnemers van de BAC trots zijn op wat ze doen en dat er daadwerkelijk projecten worden gerealiseerd.  “Dat is volgens mij het bestaansrecht van een BAC. Met alleen overleggen voeren komen we er niet. We moeten iets opleveren. Het zou mooi zijn als het ergens tot een meerwaarde leidt en dat dit wordt erkend en herkend. Ook zou het mooi zijn als dit leidt tot enthousiasme bij anderen. Uiteindelijk wil ik de groep met mensen zo groot mogelijk maken.”

Vertrekpunt
“Ik ben blij met wat er tot nu toe ligt. Als je kijkt naar wat er aan vooronderzoek is gedaan om te inventariseren waar wij kunnen aansluiten, dan vind ik het mooi om te zien in hoeverre dat gezamenlijk is opgepakt. We hebben een gezamenlijke opdrachtgever en dat is hartstikke goed. Ook de vastgoedatlas met inzicht in de infrastructuur en de warmtevraag is top. Dit was er allemaal niet. Er zijn enorme stappen gezet om de basis inzichtelijk te maken. Het veldwerk is gedaan.”

“Ik vind het ook erg mooi dat wij gesprekspartner zijn bij de provincie en Warmtelinq. Dit is te danken aan de inzet van Daphne Braal. Ik ben me bewust van de stappen die door haar zijn gemaakt en kijk erg uit naar de samenwerking binnen de SVH op dit thema. Dat is een heel mooi vertrekpunt en ik ga proberen om daar een zo goed mogelijk vervolg aan te geven.”